Het scheiden van de olie in de centrifuge (de decanter) is eigenlijk een prachtig staaltje natuurkunde, maar je kunt het heel eenvoudig voor je zien als een supersnelle wasmachine.
Het hele geheim draait om één ding: gewicht.
Tegenwoordig wordt er nauwelijks nog gebruikt gemaakt van een olijfoliepers. Centrifugeren zorgt dat de olie direct beschikbaar is. Bij het persen moet eerst nog het water worden verwijderd. De olie is ook kwalitatief beter wanneer het wordt gecentrifugeerd omdat de olie minder in aanraking komt met zuurstof.
Olijvenpasta bestaat uit drie componenten die allemaal een ander gewicht (een andere dichtheid) hebben:
- De pulp: De zwaarste restjes (schilletjes, stukjes pit en vruchtvlees).
- Het water: Het lichte sap dat van nature in de olijf zit.
- De olie: Het lichtste vloeibare goud.
Hier is stap voor stap hoe die centrifuge dat in een paar minuten scheidt:
Stap 1: De pasta gaat in de centrifuge
De olijvenpasta (een dikke, paars-groene brij) wordt in een grote, liggende roestvrijstalen trommel gepompt.
Stap 2: Extreem hard ronddraaien (De G-krachten)
Zodra de brij binnen is, begint de trommel gigantisch hard rond te draaien—wel met zo'n 3.000 tot 4.000 toeren per minuut. Dit zorgt voor een enorme centrifugale kracht (g-kracht).
Door dat keiharde slingeren gebeurt er iets interessants: de zware delen worden met brute kracht naar buiten gedrukt, terwijl de lichtere delen in het midden blijven drijven. Er ontstaan direct drie aparte lagen in de ronddraaiende buis:
De buitenste laag: De zware pulp wordt plat tegen de wand van de trommel geslingerd.
De middelste laag: Het water vormt een ring nét iets minder ver naar buiten.
De binnenste kern: De lichte olijfolie verzamelt zich helemaal in het midden van de trommel.
Stap 3: De grote scheiding (De transportschroef)
Binnen in die draaiende trommel zit een soort gigantische schroef of boor (een Archimedes-schroef). Deze schroef draait net een fractie sneller of langzamer dan de trommel zelf.
De pulp gaat naar links: De schroef schraapt de zware pulp die tegen de wand plakt continu weg en duwt het naar het ene uiteinde van de machine. Daar valt de droge pulp eruit.
De vloeistoffen gaan naar rechts: Aan het ándere uiteinde van de trommel zitten openingen op verschillende hoogtes (of diameters). Omdat het water en de olie netjes in gescheiden lagen zweven, stroomt het water door de buitenste opening weg, en de pure olijfolie door de binnenste opening.
Het is alsof je een emmer vult met zand, water en pingpongballen en die heel hard in het rond slingert. Het zand (de pulp) vliegt direct naar de bodem van de emmer, het water blijft in het midden, en de pingpongballen (de olie) drijven helemaal bovenop in het centrum. De machine hoeft het daarna alleen nog maar via aparte sluisjes op te vangen.
Het resultaat? Binnen een paar minuten komt er aan de ene kant een droge koek van pitten en schillen uit de machine, en stroomt er aan de andere kant een kerngezonde, knorrend groene straal pure olijfolie uit de tuit. Zonder dat er ooit een pers aan te pas is gekomen!

Shop










